ECLI:NL:RVS:2023:4239
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vergunning voor terras geweigerd wegens onvoldoende motivering weigeringsgronden in Haarlem
Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem verleende op 26 november 2020 een vergunning voor het plaatsen van een terras aan [appellante A]. Na bezwaar van een derde en advies van de adviescommissie voor bezwaarschriften werd de vergunning door de burgemeester geweigerd omdat het terras niet in het Inrichtingsplan Rondje rond de Grote Kerk 2020 was ingetekend.
De rechtbank vernietigde het besluit van de burgemeester en bepaalde dat het college een nieuw besluit moest nemen. In hoger beroep betoogde [appellante A] onder meer dat de vergunning mogelijk van rechtswege was verleend en dat de rechtbank ten onrechte niet zelf in de zaak had voorzien. De Raad van State verwierp deze gronden en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Bij het nieuwe besluit van 27 mei 2022 weigerde de burgemeester opnieuw de vergunning, onder verwijzing naar het Inrichtingsplan en adviezen van de Afdeling Verkeer en Erfgoed. De Raad van State oordeelde dat de burgemeester niet deugdelijk had gemotiveerd waarom de weigeringsgronden uit artikel 2:32c van de APV waren vervuld, mede omdat de adviezen niet waren overgelegd en de inhoud niet kenbaar was gemaakt.
De Afdeling bestuursrechtspraak verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit van 27 mei 2022 en beval een nieuwe besluitvorming met een goede motivering. Tevens werd de burgemeester veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit van 27 mei 2022 tot weigering van de terrasvergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering.