ECLI:NL:RVS:2023:4103
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing uitstel van vertrek vreemdeling wegens onvoldoende medische onderbouwing
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 6 november 2018 een aanvraag van een vreemdeling om uitstel van vertrek krachtens artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 af. Na bezwaar en beroep bij de rechtbank Den Haag werd dit besluit gehandhaafd. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overwoog dat het ontbreken van een persoonlijk onderzoek door een BMA-arts niet automatisch betekent dat het medisch onderzoek onzorgvuldig of onvolledig is. De vreemdeling had niet toegelicht waarom een persoonlijk onderzoek noodzakelijk was gezien haar individuele medische situatie. Dit oordeel werd in lijn geacht met eerdere jurisprudentie.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. De Afdeling vond geen aanleiding om het oordeel verder te motiveren, omdat er geen vragen waren die de rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming in algemene zin betroffen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het uitstel van vertrek bevestigd.