ECLI:NL:RVS:2023:3407
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling college en Staat voor overschrijding redelijke termijn bij handhaving lichtmast overlast
Verzoekers, wonend nabij de ijsbaan van de vereniging Lochemse IJsclub, ervoeren overlast door een lichtmast en verzochten het college van burgemeester en wethouders van Lochem om handhavend op te treden. Na een langdurige procedure met meerdere besluiten, bezwaren en rechtszaken, waarbij het uiteindelijke besluit van 15 februari 2019 in rechte kwam vast te staan op 12 oktober 2022, werd vastgesteld dat de redelijke termijn van vier jaar was overschreden.
De overschrijding bedroeg ongeveer 16 maanden, waarbij de procedure vanaf het bezwaar van 22 mei 2017 tot de einduitspraak duurde. De overschrijding werd deels toegerekend aan het college en deels aan de Staat, vanwege de langere behandelingstijd bij de rechtbank in één van de beroepszaken.
De Afdeling bestuursrechtspraak matigde de schadevergoeding vanwege het gezamenlijk optreden van verzoekers en kende een bedrag van € 375 per persoon toe, verdeeld over € 117 door het college en € 258 door de Staat. Proceskosten werden niet toegekend.
Uitkomst: Het college van Lochem en de Staat worden veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn in de handhavingsprocedure.