ECLI:NL:RVS:2023:3023
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen bewaring vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde de vreemdeling op 19 juni 2023 in bewaring. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit bij uitspraak van 10 juli 2023 ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De termijn voor het instellen van hoger beroep eindigde op 17 juli 2023, maar het hogerberoepschrift werd pas daarna ingediend.
De vreemdeling maakte geen gebruik van de mogelijkheid om redenen aan te voeren voor de late indiening. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde ambtshalve dat er geen reden was om de bewaring onrechtmatig te achten en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening.