ECLI:NL:RVS:2023:2972
Raad van State
- Hoger beroep
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke handhaving recreatieve verhuur in strijd met bestemmingsplan Kom Cadzand
Het college van burgemeester en wethouders van Sluis legde eigenaren van woningen aan de Badhuisweg te Cadzand een last onder dwangsom op wegens recreatieve verhuur in strijd met het bestemmingsplan "Kom Cadzand". De rechtbank verklaarde de beroepen van de eigenaren ongegrond, waarna zij hoger beroep instelden bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de verzoeker belanghebbende is en dat de hoorplicht slechts ten dele was geschonden zonder benadeling. De Afdeling bevestigde dat recreatieve verhuur niet valt onder de woonbestemming van het bestemmingsplan, omdat het aan het begrip wonen een duurzaam karakter wordt toegekend dat bij recreatieve verhuur ontbreekt.
Verder was er geen concreet zicht op legalisatie en was handhavend optreden niet onevenredig. Het gelijkheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel werden niet geschonden. Ook het beroep tegen de invordering van een dwangsom van €6.000 werd ongegrond verklaard. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en het hoger beroep afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de handhaving van recreatieve verhuur in strijd met het bestemmingsplan wordt ongegrond verklaard en de invordering van de dwangsom bevestigd.