ECLI:NL:RVS:2023:2890
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- A. Kuijer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing asielaanvraag Iraanse vrouw wegens ongeloofwaardigheid
De vreemdeling, een Iraanse vrouw, verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van haar lesbische geaardheid en vermeende vervolging door Iraanse autoriteiten nadat foto's zonder hoofddoek en bij een kerk onder de aandacht van haar schooldirectie kwamen. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid, een standpunt dat de rechtbank bevestigde.
In hoger beroep voerde de vreemdeling onder meer aan dat zij via een groepsapp de foto's had verspreid, wat verklaart hoe de schooldirectie hiervan kennis kreeg. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat deze verklaring aannemelijk is en dat het niet onredelijk was om aan te nemen dat foto’s buiten haar controle werden gedeeld. Desondanks bleef het oordeel van de staatssecretaris dat het asielrelaas als geheel ongeloofwaardig was, gehandhaafd.
De overige grieven van de vreemdeling werden niet gegrond verklaard omdat zij geen algemene rechtsvragen opriepen. De Afdeling bevestigde daarom het vonnis van de rechtbank en wees het hoger beroep af. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de asielaanvraag bevestigd.