ECLI:NL:RVS:2023:2813
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 4 maart 2022 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, welke op 12 juni 2023 het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
De staatssecretaris informeerde de Afdeling op 29 juni 2023 dat de vreemdeling met onbekende bestemming was vertrokken en dat haar gemachtigde geen contact meer had. De Afdeling concludeerde hieruit dat de vreemdeling geen bescherming meer zoekt in Nederland en derhalve geen belang meer heeft bij de beoordeling van het hoger beroep.
Op grond hiervan verklaarde de voorzieningenrechter het hoger beroep niet-ontvankelijk en wees het verzoek om een voorlopige voorziening af. Tevens werd bepaald dat de staatssecretaris geen proceskosten hoeft te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter E. Steendijk op 21 juli 2023.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.