ECLI:NL:RVS:2023:2605
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 17 mei 2023 besloten een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 14 juni 2023 het beroep gegrond verklaarde, het besluit vernietigde en de staatssecretaris opdroeg een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening om te voorkomen dat hij de uitspraak van de rechtbank moet uitvoeren voordat het hoger beroep is beslist. De vreemdeling gaf een schriftelijke reactie op dit verzoek.
De voorzieningenrechter overwoog dat het hoger beroep nader onderzoek vergt, mede vanwege het interstatelijk vertrouwensbeginsel voor Bulgarije zoals besproken in recente jurisprudentie van het Hof van Justitie en eerdere zaken van de Afdeling. Daarom werd de voorlopige voorziening getroffen dat de staatssecretaris de uitspraak van de rechtbank niet hoeft uit te voeren totdat het hoger beroep is afgerond. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De staatssecretaris hoeft de uitspraak van de rechtbank niet uit te voeren totdat het hoger beroep is beslist.