ECLI:NL:RVS:2023:187
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing belanghebbendheid en concretisering handhavingsverzoek rivier de Gulp
De Stichting Natuurlijk Geuldal diende een handhavingsverzoek in bij het waterschap Limburg om ecologische en hydromorfologische ingrepen in en langs de rivier de Gulp te laten herstellen. Het waterschap weigerde dit verzoek te erkennen als een aanvraag onder de Awb, omdat de Stichting niet als belanghebbende werd beschouwd en het verzoek onvoldoende concreet zou zijn.
De rechtbank Limburg oordeelde dat de Stichting wel als belanghebbende moet worden aangemerkt en dat het verzoek voldoende concreet is. Het waterschap stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt het oordeel van de rechtbank en wijst het hoger beroep van het waterschap af.
Verder oordeelt de Afdeling dat het nieuwe besluit van het waterschap van 16 maart 2021 onvoldoende gemotiveerd is omdat het niet ingaat op overtredingen die in het handhavingsverzoek zijn genoemd. Dit besluit wordt vernietigd en het waterschap wordt opgedragen binnen 16 weken een nieuw besluit te nemen. Tevens wordt het waterschap veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de Stichting.
Uitkomst: Het hoger beroep van het waterschap wordt afgewezen en het besluit van 16 maart 2021 wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering.