ECLI:NL:RVS:2023:1500
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- J.Th. Drop
- H.J.M. Baldinger
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing machtiging voorlopig verblijf wegens niet-beoordeling gezinsleven
De vreemdelingen, ouders, twee zussen en broer van een referent met een verblijfsvergunning asiel, vroegen om machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor nareis. De staatssecretaris wees de aanvragen af, stellende dat de referent bij haar asielaanvraag meerderjarig was en de familierechtelijke relatie niet aannemelijk was gemaakt.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond. In hoger beroep betoogden de vreemdelingen dat de geboortedatum van de referent niet juist was vastgesteld en dat de familierechtelijke relatie wel was aangetoond. De Afdeling oordeelde dat de geboortedatum van de referent terecht als meerderjarig werd aangenomen, maar dat de familierechtelijke relatie met de zussen en broer wel was aangetoond.
De staatssecretaris had nagelaten om de aanvragen te beoordelen op grond van artikel 8 EVRM Pro (recht op gezinsleven), terwijl de aanvraag daartoe aanleiding gaf. Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, de eerdere uitspraak en besluiten vernietigd, en de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en de besluiten vernietigd wegens nalaten beoordeling op grond van artikel 8 EVRM.