ECLI:NL:RVS:2023:1053
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit lagere subsidievaststelling voor monumentale boerderij in Drenthe
Appellant was eigenaar van een monumentale boerderij en vroeg subsidie aan voor behoud en herbestemming tot bed & breakfast. Het college verleende subsidie, verstrekte voorschotten en stelde later de subsidie lager vast wegens niet volledig uitgevoerde werkzaamheden en onvoldoende verantwoording.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, maar appellant ging in hoger beroep. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college terecht de subsidie lager vaststelde op grond van artikel 4:46 Awb Pro, omdat niet aan alle verplichtingen was voldaan en de werkzaamheden niet volledig waren uitgevoerd.
Echter, het college had het evenredigheidsbeginsel geschonden door een betaling van € 3.630,00 niet mee te rekenen terwijl dit bedrag aantoonbaar was betaald. Ook had appellant het resterende voorschotbedrag niet ontvangen, maar dit was terecht omdat de werkzaamheden niet volgens plan waren afgerond.
De Afdeling vernietigde het besluit en stelde de subsidie vast op € 43.240,19 en beperkte de terugvordering tot € 46.562,77. Het hoger beroep werd gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.
Uitkomst: De subsidie wordt vastgesteld op € 43.240,19 en de terugvordering beperkt tot € 46.562,77.