ECLI:NL:RVS:2022:781
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 7 oktober 2021 de aanvraag van de vreemdeling voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 16 februari 2022 het beroep ongegrond verklaarde. De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet zolang het hoger beroep niet is beslist. Tevens werd bepaald dat de vreemdeling opvang en verstrekkingen moet ontvangen gedurende deze periode. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 759,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
De uitspraak werd gedaan op 16 maart 2022 door voorzieningenrechter A.W.M. Bijloos in aanwezigheid van griffier S.P.M. Zwinkels. Hiermee wordt de positie van de vreemdeling tijdelijk beschermd totdat het hoger beroep inhoudelijk is behandeld.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.