ECLI:NL:RVS:2022:432
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende onderzoek risico terugkeer Iran
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 31 mei 2021 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze afwijzing ongegrond. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris onvoldoende onderzoek had verricht naar het risico dat de vreemdeling, die zich had afgewend van de islam, bij terugkeer naar Iran zou lopen op vervolging of onmenselijke behandeling. Dit oordeel is gebaseerd op een eerdere uitspraak van 19 januari 2022 waarin werd benadrukt dat een dergelijk risico zorgvuldig moet worden onderzocht.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van de staatssecretaris. De zaak wordt terugverwezen voor een nieuwe beoordeling waarbij de staatssecretaris rekening moet houden met de actuele feiten en omstandigheden. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning en de uitspraak van de rechtbank worden vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwd onderzoek.