ECLI:NL:RVS:2022:3786
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 29 september 2022 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 9 november 2022 het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het hoger beroep niet-ontvankelijk is omdat de vreemdeling niet heeft toegelicht waarom de uitspraak van de rechtbank onjuist zou zijn. Hierdoor kon de Afdeling geen inhoudelijk oordeel geven over het hoger beroep. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd daarom eveneens afgewezen.
De staatssecretaris werd niet veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. De uitspraak werd vastgesteld door voorzieningenrechter H.G. Sevenster in aanwezigheid van griffier A.M. van Meurs-Heuvel op 15 december 2022.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling is niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen.