ECLI:NL:RVS:2022:3763
Raad van State
- Hoger beroep
- R. Uylenburg
- B.J. Schueler
- J.M.L. Niederer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering omgevingsvergunning en handhaving fundering en palen in Amsterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam weigerde een omgevingsvergunning voor de bouw van een terras op een perceel met bestemming 'Agrarisch met waarden'. De eigenaar, appellant, had een vergunning voor een woning, maar bracht afwijkingen aan zoals een extra funderingsbalk en palen buiten het bouwvlak. Na bezwaar en beroep oordeelde de rechtbank deels in het voordeel van appellant, maar verklaarde het beroep tegen de weigering niet-ontvankelijk.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het college ten onrechte niet voldoende rekening hield met het ontwerpbestemmingsplan dat ter inzage lag en dat appellant niet opnieuw is gehoord over nieuwe feiten. Hierdoor was de motivering van het college onvoldoende en werd het besluit op bezwaar vernietigd. Tevens oordeelde de Afdeling dat geen vergunning van rechtswege was verleend voor de buiten het bouwvlak ingeslagen palen, maar dat vanwege het ontwerpbestemmingsplan concreet zicht op legalisatie bestond, waardoor handhaving niet onevenredig was.
De Afdeling bevestigde dat het college terecht handhavend optrad tegen de fundering die hoger was dan het peil volgens de vergunning. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht aan appellant. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd voor zover het besluit op bezwaar in stand bleef en bevestigd voor het overige.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het besluit op bezwaar vernietigd en het college veroordeeld tot proceskostenvergoeding en griffierechtteruggave.