ECLI:NL:RVS:2022:3563
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling met inreisverbod
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 17 juni 2022 het verzoek van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen, hem opgedragen Nederland onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod opgelegd. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank, die dit op 9 november 2022 ongegrond verklaarde. Hiertegen is hoger beroep ingesteld bij de Raad van State.
De vreemdeling verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen, zodat hij niet zou worden uitgezet voordat op het hoger beroep is beslist en om opvang en verstrekkingen te ontvangen. De staatssecretaris erkende dat de vreemdeling een reëel risico loopt op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer naar Jemen, waardoor uitzetting naar dat land is uitgesloten.
De voorzieningenrechter concludeerde dat er geen aanleiding is om de gevraagde voorlopige voorziening te treffen omdat er geen grond is om aan te nemen dat het vonnis van de rechtbank zal worden vernietigd. Het verzoek werd daarom afgewezen en de staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen uitzetting wordt afgewezen.