ECLI:NL:RVS:2022:3111
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid aanvraag verblijfsvergunning asiel door staatssecretaris
Bij besluit van 16 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet-ontvankelijk verklaard. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 11 oktober 2022 ongegrond verklaarde.
De vreemdeling ging vervolgens in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe rechtsvragen bevat die in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming beantwoord moeten worden, mede omdat dezelfde rechtsvraag reeds eerder was beantwoord in een uitspraak van 16 december 2021.
De Afdeling bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep en het verzoek om voorlopige voorziening af. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter C.M. Wissels op 31 oktober 2022.
Uitkomst: Het hoger beroep en het verzoek om voorlopige voorziening worden afgewezen en de niet-ontvankelijkverklaring van de aanvraag verblijfsvergunning asiel wordt bevestigd.