ECLI:NL:RVS:2022:2740
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P.M. van Ravels
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- B. Meijer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing tegemoetkoming planschade na wijziging bestemmingsplan Limmen Linten fase 1C
Appellanten kochten in 1984 kavels in Limmen waarop zij woningen bouwden. In 2017 trad het uitwerkingsplan "Limmen Linten fase 1C" in werking, waardoor negen woningen werden toegestaan op gronden die voorheen agrarisch waren. Appellanten vorderden een tegemoetkoming in planschade wegens waardedaling van hun woningen.
Het college wees de aanvragen af, gesteund op advies van Langhout dat stelde dat de schade voorzienbaar was vanwege het Streekplan Noord-Kennemerland uit 1982, waarin woningbouw in noordelijke richting niet was uitgesloten. De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten ongegrond.
In hoger beroep betoogden appellanten dat de kaart bij het Streekplan anders moest worden geïnterpreteerd en dat zij geen rekening hoefden te houden met woningbouw verder naar het noorden. De Afdeling oordeelde dat de aanduiding 'reservering' op de kaart duidelijk was en dat een redelijk handelend koper rekening moest houden met de kans op planologische wijziging. De Afdeling bevestigde dat het college de aanvragen terecht had afgewezen en dat de schade voor rekening van appellanten blijft.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van de tegemoetkoming in planschade is bevestigd.