ECLI:NL:RVS:2022:2692
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- E. Helder
- B.J. Schueler
- J.H. van Breda
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Hamerstraatgebied wegens onvoldoende motivering FSI en hotelfunctie
De raad van de gemeente Amsterdam stelde op 8 juli 2021 het bestemmingsplan "Hamerstraatgebied 1e herziening" vast, dat een gedeeltelijke herziening vormde van het moederplan uit 2013. Dit plan beoogde de transformatie van het Hamerkwartier tot een gemengd hoogstedelijk woon-werkgebied, waarbij onder meer maatbestemmingen voor zware bedrijvigheid werden verwijderd en correcties werden aangebracht, zoals het toevoegen van een maximale floorspace index (FSI) voor bepaalde bestemmingsvlakken.
Appellanten Het Fort Onroerend Goed B.V. en twee erfpachthouders voerden aan dat het plan hen onterecht beperkte in het ophogen van hun bedrijfspanden doordat een maximale FSI van 2 werd toegekend, terwijl deze maatvoering ontbrak in het moederplan. De raad motiveerde onvoldoende waarom de toevoeging van de FSI-maatvoering gerechtvaardigd was en faalde in het maken van een ruimtelijke afweging tussen de belangen van de appellanten en het plan. De Afdeling oordeelde dat deze beperking onterecht was en vernietigde het besluit voor zover het de FSI betrof.
Albemarle Catalysts Company B.V. stelde dat de handhaving van de hotelfunctie (horeca V) nabij haar bedrijventerrein onterecht was, omdat dit in strijd zou zijn met gemeentelijk beleid en haar bedrijfsvoering zou belemmeren. De raad had onvoldoende rekening gehouden met de gevolgen van de hotelfunctie in relatie tot de risicocontouren van de stof Nikkel Hydroxy Carbonaat (NHC) en Albemarle's uitbreidingsplannen. De Afdeling oordeelde dat de raad geen kenbare belangenafweging had gemaakt en gaf de raad opdracht dit gebrek binnen 20 weken te herstellen.
De Afdeling veroordeelde de raad tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan de appellanten en bepaalde dat de raad geen nieuw ontwerpbestemmingsplan hoefde te publiceren bij een eventueel nieuw besluit. De uitspraak werd gedaan door de voorzitter en twee leden van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 14 september 2022.
Uitkomst: Het bestemmingsplan wordt deels vernietigd wegens onvoldoende motivering bij de FSI-maatvoering en hotelfunctie, met opdracht tot herstel binnen 20 weken.