ECLI:NL:RVS:2022:269
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende onderzoek risico's terugkeer Iran
De vreemdeling heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris op 24 juni 2020 werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State.
De kern van het geschil betreft de beoordeling door de staatssecretaris van de risico's die afvalligen en atheïsten lopen bij terugkeer naar Iran. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de staatssecretaris onvoldoende onderzoek heeft verricht en onvoldoende heeft gemotiveerd of de vreemdeling een reëel risico loopt op vervolging of onmenselijke behandeling bij terugkeer.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en het besluit van de staatssecretaris. De zaak wordt terugverwezen zodat de staatssecretaris opnieuw kan beslissen met inachtneming van de actuele feiten en omstandigheden. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de asielaanvraag wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.