ECLI:NL:RVS:2022:1881
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting woning wegens drugslaboratorium en chemische stoffen
Naar aanleiding van een politieonderzoek in september 2021 werden in de woning van verzoeker grote hoeveelheden chemicaliën aangetroffen die gebruikt kunnen worden voor de productie van harddrugs, evenals andere aanwijzingen zoals wasmachines met chemische geur en een voertuig met verborgen ruimte. De burgemeester van Amsterdam sloot de woning voor drie maanden op grond van de Opiumwet.
Verzoeker voerde aan dat de stoffen bestemd waren voor een schoonmaakbedrijf en dat de burgemeester niet bevoegd was tot sluiting, noch dat de maatregel noodzakelijk of proportioneel was, mede vanwege de belangen van zijn minderjarige stiefzoon. De rechtbank wees het beroep af en de Raad van State bevestigt dit oordeel.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de burgemeester terecht aannam dat de stoffen bestemd waren voor drugsproductie en dat de sluiting een geschikt, noodzakelijk en evenwichtig middel was, mede gelet op de brand- en milieugevaren en het voorkomen van herhaling. De belangen van het minderjarige kind zijn voldoende meegewogen door het aanbieden van opvang, die niet werd gebruikt.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de sluiting van de woning voor drie maanden wegens drugslaboratorium en acht de maatregel proportioneel.