ECLI:NL:RVS:2022:1578
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep asielzaak
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 24 maart 2022 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 20 mei 2022 het beroep ongegrond verklaarde. Hiertegen stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat de vreemdeling niet uitgezet mag worden totdat op het hoger beroep is beslist, en dat hij recht heeft op opvang en verstrekkingen. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 759,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
De uitspraak werd gedaan op 2 juni 2022 door voorzieningenrechter B. Meijer, in aanwezigheid van griffier S.P.M. Zwinkels. Hiermee wordt de positie van de vreemdeling in afwachting van de inhoudelijke behandeling van het hoger beroep beschermd.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet de proceskosten vergoeden.