ECLI:NL:RVS:2022:1553
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen weigering omgevingsvergunning kiosk Paul Krugerplein
Op 19 maart 2018 diende appellant een aanvraag in voor een omgevingsvergunning voor het plaatsen van een kiosk aan het Paul Krugerplein. Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag weigerde deze vergunning bij besluit van 11 december 2020. Appellant stelde beroep in, maar de rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk omdat het beroepschrift te laat was ontvangen en appellant niet aannemelijk had gemaakt dat het tijdig was verzonden.
Appellant voerde aan dat hij het beroepschrift tijdig per reguliere post had verzonden, maar het poststuk was retour ontvangen vanwege onduidelijke bezorgproblemen. Hij had ook navraag gedaan bij PostNL en het beroepschrift per e-mail aan de rechtbank toegezonden. De rechtbank oordeelde echter dat de bewijslast voor tijdige verzending bij appellant lag en dat hij dit niet voldoende had onderbouwd.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank. De Afdeling stelt vast dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat het beroepschrift tijdig ter post is gebracht, mede omdat er geen poststempel of verzendbewijs is en PostNL geen onderzoek kan doen naar de bezorging. Ook acht de Afdeling het niet aannemelijk dat het vanwege coronamaatregelen onmogelijk was om aangetekend te verzenden.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de omgevingsvergunning is niet-ontvankelijk verklaard en deze uitspraak is bevestigd.