ECLI:NL:RVS:2022:150
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing tegemoetkoming planschade na wijziging bestemmingsplan Buitengebied Eersel
Appellant verzocht om een tegemoetkoming in planschade vanwege wijzigingen in het bestemmingsplan "Buitengebied" te Eersel, dat op 10 november 2009 in werking trad en betrekking had op meerdere percelen. Het college wees de aanvraag af, gesteund op een deskundigenadvies waarin werd geconcludeerd dat appellant geen planologisch nadeel ondervond, mede omdat hij geen vermogensrechtelijke relatie had tot perceel 307.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep voerde appellant meerdere grieven aan, waaronder de onafhankelijkheid van de deskundige, waardevermindering van een houtschuur en recreatiewoning, en de invloed van de ecologische hoofdstructuur. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de deskundige onafhankelijk was, dat de houtschuur positief bestemd bleef en mocht worden herbouwd, en dat de recreatiewoning onder het oude planologische regime al niet meer beschermd was.
Verder stelde de Afdeling dat de nieuwe bestemming "Bos" met specifieke aanduidingen geen nadeel opleverde en dat appellant geen planschade kon lijden voor perceel 307 waar hij geen rechtspersoonlijke relatie mee had. Ook werd geoordeeld dat de redelijke termijn niet was overschreden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de tegemoetkoming in planschade bevestigd.