ECLI:NL:RVS:2022:1214
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J.M.L. Niederer
- W. den Ouden
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking wapenverlof wegens onvoldoende onderzoek en motivering
De korpschef van de politie trok op 13 juni 2019 de wapenverloven van appellant en de schietvereniging in vanwege een melding van mishandeling door de ex-partner van appellant. De minister handhaafde deze intrekking bij besluit van 4 februari 2020. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelt dat het besluit zowel op het privé-verlof als het verenigingsverlof ziet en dat de korpschef terecht de spoedprocedure toepaste zonder voorafgaande zienswijze. Wel is geoordeeld dat de minister onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de meldingen van mishandeling en de psychische gesteldheid van appellant, en dat de motivering omtrent relatieproblemen onvoldoende is onderbouwd.
De Raad vernietigt het besluit van de minister en de uitspraak van de rechtbank, verklaart het hoger beroep gegrond en beveelt de minister een nieuw besluit te nemen waarbij nader onderzoek wordt verricht en appellant in de gelegenheid wordt gesteld te reageren. Tevens wordt de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de wapenverloven wordt vernietigd en de minister wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen na nader onderzoek.