ECLI:NL:RVS:2021:2851
Raad van State
- Hoger beroep
- J.TH. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging maatregel rijvaardigheid na onvoldoende bewijs van gebrekkige rijvaardigheid
Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) legde aan appellant een onderzoek naar rijvaardigheid op na een melding van de politie over vermoedens van gebrekkige rijvaardigheid. Appellant voerde aan dat de waarnemingen onvoldoende nauwkeurig waren en dat de rechtbank ten onrechte deze niet meewoog.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de mededeling van de politie onvoldoende concreet was, met name over het onnodig remmen op niet nader omschreven locaties en het herhaaldelijk over de middenstreep rijden. Gezien de ernst van de overtredingen en de omstandigheden was het vermoeden van gebrekkige rijvaardigheid niet gerechtvaardigd.
Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, de eerdere uitspraak en besluiten vernietigd, en het besluit tot oplegging van het rijvaardigheidsonderzoek herroepen. Tevens werd appellant een schadevergoeding toegekend voor gemaakte kosten en proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot oplegging van het rijvaardigheidsonderzoek wordt vernietigd en de maatregel herroepen.