ECLI:NL:RVS:2021:2429
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.TH. Drop
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen invordering dwangsommen wegens niet tijdige jaarverantwoording zorg
Mozaïek Thuiszorg B.V. heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister voor Medische Zorg tot invordering van verbeurde dwangsommen van € 10.000,- wegens het niet tijdig aanleveren van de jaarverantwoording zorg over 2018, inclusief een beoordelingsverklaring van een accountant.
De minister had eerder een last onder dwangsom opgelegd omdat Mozaïek niet voldeed aan de wettelijke verplichtingen uit de Wet toelating zorginstellingen en de Regeling verslaglegging WTZi. Mozaïek voerde onder meer aan dat de minister niet bevoegd was, dat het wettelijke kader onjuist was, dat bijzondere omstandigheden zoals ziekte van de bestuurder en onjuist advies van de accountant tot gedeeltelijke invorderingsvrijstelling moesten leiden, en dat de hoorplicht was geschonden.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat het opleggen van de last onder dwangsom rechtsgeldig is en dat in de procedure tegen de invordering slechts in uitzonderlijke gevallen gronden tegen de last kunnen worden aangevoerd, wat hier niet het geval is. De overtreding staat vast en bijzondere omstandigheden zijn onvoldoende onderbouwd. De hoorplicht is niet geschonden omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was.
De Afdeling verklaart het beroep ongegrond en bevestigt het besluit tot invordering van de dwangsommen. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van Mozaïek tegen de invordering van dwangsommen wordt ongegrond verklaard en het besluit van de minister bevestigd.