ECLI:NL:RVS:2021:1951
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging last onder dwangsom voor verwijderen scheermesprikkeldraad in beschermd dorpsgezicht
Het college van burgemeester en wethouders van Teylingen legde op 23 november 2017 een last onder dwangsom op aan appellant om scheermesprikkeldraad ter hoogte van twee woonschepen in Warmond te verwijderen en verwijderd te houden. Dit naar aanleiding van een verzoek van een derde partij en een constatering van de toezichthouder dat het prikkeldraad was geplaatst en in ernstige mate in strijd was met redelijke eisen van welstand, zoals vastgesteld door de welstandscommissie.
Ondanks meerdere controles en waarschuwingen bleef het prikkeldraad aanwezig, waarop het college overging tot invordering van dwangsommen. Appellant voerde aan dat het prikkeldraad vóór de gestelde termijn was verwijderd van de paaltjes en erfafscheiding, waardoor het geen bouwwerk meer zou zijn en het college niet bevoegd was tot handhaving.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college bevoegd was tot handhaving omdat het prikkeldraad als bouwwerk werd aangemerkt en in ernstige mate in strijd was met redelijke eisen van welstand. Verder was appellant niet tijdig aan de last voldaan omdat het prikkeldraad niet daadwerkelijk verwijderd en verwijderd gehouden werd. Ook het bezwaar dat meerdere dwangsommen niet in één besluit mochten worden geïnd, werd verworpen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de last onder dwangsom en invordering van dwangsommen bevestigd.