ECLI:NL:RVS:2021:126
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning voor kappen es ondanks bezwaar omgevingsvergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam verleende een omgevingsvergunning voor het kappen van een es in de achtertuin van een woning. De boom staat dicht bij het perceel van appellante, die bezwaar maakte tegen de vergunning vanwege de bijzondere natuur- en milieuwaarden van de boom.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarna zij hoger beroep instelde bij de Raad van State. De Raad toetste de vergunningverlening, de belangenafweging en de herplantplicht.
De Raad stelde vast dat de deskundige van de gemeente de es beoordeelde als matig van conditie en zonder bijzondere waarden volgens de Bomenverordening 2014. De belangenafweging waarbij het belang van herinrichting van de tuin zwaarder werd gewogen dan het behoud van de boom, werd als redelijk beoordeeld.
De opgelegde herplantplicht voor een boom van minimaal de derde grootte werd eveneens als passend gezien, waarbij geen verplichting tot herplant van een gelijksoortige boom of volledige compensatie van natuurwaarden bestaat.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en wees het verzoek om voorlopige voorziening af, waarmee het besluit tot vergunningverlening definitief bleef staan.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vergunning voor het kappen van de es blijft in stand.