ECLI:NL:RVS:2021:1052
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over omgevingsvergunning bouwverdieping en parkeervoorzieningen in Oosterhout
Het college van burgemeester en wethouders van Oosterhout weigerde aanvankelijk een omgevingsvergunning voor de bouw van een verdieping op een bestaand gebouw en uitbreiding van het parkeerterrein aan de [locatie] in Den Hout. Na bezwaar verleende het college alsnog de vergunning met voorschriften. Zowel Milieuvereniging Oosterhout als de aanvragers stelden beroep in tegen dit besluit. De rechtbank oordeelde dat het peil voor de bouwhoogte correct was vastgesteld aan de hand van de Pannenhuisstraat en dat de parkeernormen passend waren toegepast. Wel vernietigde de rechtbank enkele voorschriften over de realisatie van parkeerplaatsen.
Milieuvereniging Oosterhout voerde aan dat het peil onjuist was bepaald en dat de parkeernorm te laag was, gezien de ligging in het buitengebied en bestaande parkeeroverlast. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college terecht het peil heeft vastgesteld volgens de planregels en de feitelijke situatie, en dat de parkeernorm uit de Nota Parkeernormen 2019 correct is toegepast. Ook was het college niet verplicht een hogere parkeernorm te hanteren of bestaande parkeerproblemen op te lossen.
Verder werd geoordeeld dat het voorschrift dat minimaal 224 parkeerplaatsen gerealiseerd moeten zijn, passend is en in overeenstemming met de wet- en regelgeving. De vernietiging van de zinsnede over het moment van realisatie van de parkeerplaatsen door de rechtbank was terecht. Het hoger beroep en het incidenteel hoger beroep zijn ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.