ECLI:NL:RVS:2020:83
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- F.D. van Heijningen
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting winkel na aantreffen handgranaat wegens ernstige verstoring openbare orde
De burgemeester van Amsterdam heeft op 2 februari 2018 besloten tot onmiddellijke sluiting van een winkel nadat een op scherp staande handgranaat aan de deurklink was aangetroffen. De eigenaar, appellant, maakte bezwaar tegen deze sluiting en de daaropvolgende besluiten, waarna de rechtbank Amsterdam het beroep ongegrond verklaarde. Het hoger beroep bij de Raad van State richt zich op de proportionaliteit van de sluiting en de toepassing van het sluitingsbeleid.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt vast dat de sluiting op grond van artikel 2.10 van de Algemene Plaatselijke Verordening (Apv) is toegestaan vanwege de ernstige verstoring van de openbare orde. De burgemeester hanteert een sluitings- en heropeningsbeleid waarbij de sluiting in beginsel onbepaalde tijd duurt, maar na vier weken kan worden opgeheven. Dit beleid is tijdelijk opgeschort voor coffeeshops, maar niet voor andere inrichtingen zoals de winkel van appellant.
De Afdeling oordeelt dat de sluiting van vier weken niet onredelijk is, mede omdat het de eerste keer was dat een handgranaat bij een winkel werd aangetroffen en er geen aanwijzingen waren voor misbruik van de sluitingsbevoegdheid. De belangenafweging waarbij het algemene belang van openbare orde zwaarder weegt dan het financiële nadeel van appellant is gerechtvaardigd. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel en de Europese regelgeving faalt, omdat de situatie van appellant niet vergelijkbaar is met die van coffeeshops en de maatregel proportioneel is.
De Afdeling bevestigt het oordeel van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de sluiting van de winkel voor vier weken en verklaart het hoger beroep ongegrond.