ECLI:NL:RVS:2020:716
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afsluiting Het Beusebos door gemeente Purmerend geen bestuursrechtelijk besluit
Het college van burgemeester en wethouders van Purmerend heeft Het Beusebos, een bosrijk terrein in Purmerend, op 12 april 2018 voor onbepaalde tijd afgesloten en verboden voor onbevoegden om het terrein te betreden. De Stichting Vrienden van het Beusebos verzocht het college om de afsluiting ongedaan te maken en het terrein weer toegankelijk te maken voor wandelaars, stellende dat het terrein openbaar gebied is.
Het college weigerde dit verzoek en verklaarde het bezwaar van de Stichting niet-ontvankelijk, omdat het verzoek niet kon worden aangemerkt als een bestuursrechtelijk besluit in de zin van artikel 1:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank bevestigde dit oordeel en verklaarde het beroep van de Stichting ongegrond.
In hoger beroep betoogde de Stichting dat het college wel over publiekrechtelijke bevoegdheden beschikt op grond van de Algemene plaatselijke verordening, de Gemeentewet, de Grondwet en de Nota Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving Purmerend 2016-2019. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde echter dat geen van deze bepalingen een grondslag biedt om het college te verplichten het bos weer open te stellen. De afsluiting is gebaseerd op eigendomsrechten van de gemeente, en het college heeft geen publiekrechtelijke bevoegdheid om de afsluiting ongedaan te maken.
De Afdeling bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat het college geen publiekrechtelijke bevoegdheid heeft om de afsluiting van Het Beusebos ongedaan te maken en verklaart het hoger beroep ongegrond.