ECLI:NL:RVS:2020:689
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening schorsing weigering verlenging exploitatievergunning café wegens levensgedrag
De burgemeester van Amsterdam weigerde op 30 april 2019 de verlenging van de exploitatievergunning voor een horecabedrijf vanwege het levensgedrag van een van de vennoten, die meerdere justitiële antecedenten had, waaronder een verdenking van een gewelddadige overval. De rechtbank verklaarde het beroep van de vennoten gegrond en vernietigde het besluit, oordelend dat het begrip 'levensgedrag' in de APV niet voldoet aan de criteria van de Dienstenrichtlijn, en stelde een voorlopige voorziening in waardoor de exploitatie mocht worden voortgezet.
De burgemeester stelde hoger beroep in en verzocht om schorsing van deze voorlopige voorziening. De Raad van State overwoog dat het begrip 'levensgedrag' in de APV voldoende duidelijk, objectief en transparant is en dat de burgemeester terecht rekening hield met justitiële antecedenten binnen een terugkijktermijn van vijf jaar en oudere feiten om een patroon vast te stellen. De verdenking van betrokkenheid bij een gewelddadige overval en eerdere veroordelingen rechtvaardigen volgens de Raad de weigering van de vergunning.
De Raad van State schorst daarom de voorlopige voorziening van de rechtbank en bepaalt dat de burgemeester geen nieuw besluit op bezwaar hoeft te nemen voordat het hoger beroep is beslist. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De voorlopige voorziening van de rechtbank wordt geschorst en de burgemeester hoeft geen nieuw besluit op bezwaar te nemen zolang het hoger beroep loopt.