ECLI:NL:RVS:2020:422
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen verplicht eigen risico Zorgverzekeringswet
Appellant maakte bezwaar tegen het verplichte eigen risico zoals vastgelegd in artikel 19 van Pro de Zorgverzekeringswet (Zvw). De minister verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk, omdat tegen wetten in formele zin geen bezwaar op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan worden gemaakt. De rechtbank bevestigde deze niet-ontvankelijkheid en verklaarde het beroep ongegrond.
Appellant voerde aan dat artikel 19 Zvw Pro geen wet in formele zin is omdat het discriminatie toelaat, niet vooraf is getoetst door de Staten-Generaal en onaantastbaar is voor de rechtsgang. Hij stelde dat de bepaling een Rijksregeling betreft die wegens discriminatie nooit een wet kan zijn.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat artikel 19 Zvw Pro wel degelijk een wet in formele zin is, vastgesteld door regering en Staten-Generaal conform de Grondwet. De bepaling is geen besluit in de zin van de Awb, zodat bezwaar daartegen niet mogelijk is. De Afdeling bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het bezwaar tegen artikel 19 van de Zorgverzekeringswet is niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep ongegrond verklaard.