ECLI:NL:RVS:2020:3014
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Helder
- B.J. Schueler
- P.H.A. Knol
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Brandevoort II wegens onjuiste geurcontour en onvoldoende motivering woon- en leefklimaat
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 16 december 2020 uitspraak gedaan in het geschil over het bestemmingsplan "Brandevoort II-herz. Hazenwinkel-Liverdonk" van de gemeente Helmond. In een eerdere tussenuitspraak was vastgesteld dat het oorspronkelijke besluit van 5 februari 2019 onzorgvuldig was voorbereid, met name door een onjuiste geurcontour rond de varkenshouderij en een te beperkte definitie van strijdig gebruik binnen de milieuzone-geurzone.
De raad had vervolgens op 30 juni 2020 een gewijzigd besluit genomen waarin de geurcontour was aangepast en planregels waren gewijzigd. Appellanten hadden de mogelijkheid om hierop te reageren. De Raad van State oordeelde dat het beroep tegen het oorspronkelijke besluit gegrond is vanwege strijd met artikel 3:2 Awb Pro en artikel 3.6 Wro, en vernietigde de betreffende onderdelen van het bestemmingsplan.
Daarnaast werd geoordeeld dat het besluit onvoldoende gemotiveerd was omtrent het woon- en leefklimaat binnen 100 meter van een agrarisch perceel waar schapen en konijnen worden gehouden. De raad had in het herstelbesluit een afstand van 50 meter gehanteerd op grond van een gemeentelijke verordening, welke de Raad van State als deugdelijk gemotiveerd accepteerde. Het beroep tegen het herstelbesluit werd daarom ongegrond verklaard.
Tot slot werd de raad veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellanten. De uitspraak bevestigt het belang van zorgvuldige ruimtelijke onderbouwing en correcte toepassing van geurcontouren en afstandsnormen in bestemmingsplannen.
Uitkomst: Het bestemmingsplan van 5 februari 2019 wordt gedeeltelijk vernietigd wegens onjuiste geurcontour en onvoldoende motivering, het herstelbesluit van 30 juni 2020 wordt niet vernietigd.