ECLI:NL:RVS:2020:2934
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.D.M. van Diepenbeek
- C.C.W. Lange
- J.M.L. Niederer
- Rechtspraak.nl
Raad van State wijst beroep tegen bestemmingsplan De Kortsluiting deels toe wegens onvoldoende motivering uitvoerbaarheid
De raad van de gemeente Het Hogeland stelde op 11 december 2019 het bestemmingsplan De Kortsluiting vast, dat een nieuwe wegverbinding tussen de N361 en N996 mogelijk maakt. Appellanten, bewoners nabij het plangebied, maakten bezwaar tegen het plan vanwege mogelijke aantasting van hun woon- en leefklimaat, geluidsoverlast, verkeersveiligheid en onvoldoende ecologisch onderzoek.
De Raad van State onderzocht onder meer de afweging van alternatieven, het akoestisch onderzoek, de verkeersveiligheid, de naleving van provinciale regelgeving en de ecologische effecten. De Afdeling oordeelde dat de raad de verkeersgegevens en het akoestisch onderzoek in redelijkheid kon gebruiken en dat het plan voldoende ruimte biedt voor een verkeersveilige inrichting. Ook werd geoordeeld dat het ecologisch onderzoek adequaat was en dat de Wet natuurbescherming niet zonder meer aan uitvoerbaarheid in de weg staat.
Echter, de Afdeling stelde vast dat de raad onvoldoende had gemotiveerd dat de vereiste vergunning van Gedeputeerde Staten op grond van artikel 4.15 van de Omgevingsverordening en het verbod uit artikel 4.20, derde lid, niet in de weg staan aan de uitvoerbaarheid van het plan. Dit gebrek leidde tot de opdracht aan de raad om binnen 16 weken het besluit te herstellen met een toereikende motivering. Het beroep van appellant sub 2 werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Raad van State draagt de gemeente Het Hogeland op het besluit te herstellen met een toereikende motivering over vergunning en uitvoerbaarheid volgens de Omgevingsverordening.