Uitspraak
Datum uitspraak: 28 oktober 2020
BESTUURSRECHTSPRAAK
Raad van State
De raad van de gemeente Lingewaard stelde op 16 mei 2019 het bestemmingsplan "Bedrijventerreinen Veegplan" vast, dat de bedrijventerreinen Pannenhuis en Gendt-Bemmel omvat. Het plan bevatte onder meer een woonbestemming voor een perceel aan een locatie te Gendt, gebaseerd op een langdurige contractuele afspraak met een inmiddels failliete partij. Appellanten voerden beroep aan tegen de toekenning van bestemmingen en functieaanduidingen aan hun percelen, waaronder de toekenning van een bedrijfsbestemming met een uitsterfregeling in plaats van een woonbestemming.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het gebruiksovergangsrecht uit het vorige plan niet automatisch recht geeft op een woonbestemming in het nieuwe plan. De raad mocht op grond van het ruimtelijk beleid en de milieuzonering afzien van een woonbestemming vanwege de nabijheid van zware bedrijvigheid en de voorrang voor bedrijven. De uitsterfregeling was passend en de planregels waren voldoende duidelijk, ook wat betreft de functieaanduidingen en het gebruik van bijgebouwen.
Verder oordeelde de Afdeling dat de raad de situering van het bouwvlak op het perceel aan de locatie 1 in redelijkheid had vastgesteld, met inachtneming van landschappelijke belangen en de contractuele afspraak. De beroepen werden ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen tegen het bestemmingsplan zijn ongegrond verklaard en het plan blijft ongewijzigd van kracht.