ECLI:NL:RVS:2020:2367
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.D.M. van Diepenbeek
- A. ten Veen
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Bezuidenhout wegens strijd met zorgvuldigheidsbeginsel en herstelbesluit gegrond verklaard
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft bij tussenuitspraak van 8 april 2020 de raad van de gemeente Den Haag opgedragen een gebrek in het bestemmingsplan "Bezuidenhout, 1e herziening" te herstellen. Dit gebrek hield verband met de onduidelijkheid over de toepassing van de nota parkeernormen 2016 voor bepaalde bestemmingen.
Het oorspronkelijke besluit van 20 september 2018 werd vernietigd voor zover artikel 9, onder b, van de planregels betreft, omdat dit besluit niet met de vereiste zorgvuldigheid was voorbereid in strijd met artikel 3:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De raad heeft vervolgens bij besluit van 14 juli 2020 het plan gewijzigd om het gebrek te herstellen.
De Afdeling heeft het beroep tegen het herstelbesluit ongegrond verklaard, omdat de wijziging voldeed aan de opdracht uit de tussenuitspraak. Stichting Wijkberaad Bezuidenhout heeft geen zienswijze ingediend tegen het herstelbesluit. De raad is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht aan de stichting.
Uitkomst: Het beroep tegen het oorspronkelijke bestemmingsplan wordt gegrond verklaard en vernietigd, het beroep tegen het herstelbesluit wordt ongegrond verklaard, met toekenning van proceskosten aan Stichting Wijkberaad Bezuidenhout.