ECLI:NL:RVS:2020:1615
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen overdracht vreemdelingen aan Frankrijk
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid had op 18 maart 2020 besloten om aanvragen van vreemdelingen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De vreemdelingen maakten bezwaar tegen hun feitelijke uitzetting en verzochten de rechtbank om een voorlopige voorziening. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond. Vervolgens werd bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een verzoek om voorlopige voorziening ingediend om te voorkomen dat de vreemdelingen op 10 juli 2020 zouden worden overgedragen aan Frankrijk.
De voorzieningenrechter oordeelde dat hij exclusief bevoegd was om het verzoek te behandelen, gelet op eerdere jurisprudentie. Omdat de staatssecretaris zich niet verzette tegen het verzoek, werd de voorlopige voorziening toegewezen. Hierdoor wordt de overdracht van de vreemdelingen aan Frankrijk opgeschort totdat het hoger beroep is beslist.
Daarnaast werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdelingen, vastgesteld op €525,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: De overdracht van de vreemdelingen aan Frankrijk wordt opgeschort totdat op het hoger beroep is beslist.