ECLI:NL:RVS:2020:1391
Raad van State
- Hoger beroep
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen afwijzing omgevingsvergunning mestverwerking
Cleanergy, een mestverwerkingsbedrijf met een co-vergistingsinstallatie te Wanroij, vroeg een omgevingsvergunning aan voor het verhogen van de mestverwerkingscapaciteit en het hygiëniseren van mest voor export. Het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant wees deze aanvraag op 20 februari 2019 af, primair omdat de activiteiten MER-plichtig waren en subsidiair vanwege strijd met de Verordening ruimte Noord-Brabant.
De rechtbank Oost-Brabant verklaarde het beroep van Cleanergy tegen deze afwijzing ongegrond. Cleanergy stelde in hoger beroep alleen het oordeel van de rechtbank over de classificatie van bedrijventerrein Molenveld aan de orde. De Raad van State oordeelde dat Cleanergy onvoldoende procesbelang had bij dit onderdeel, omdat het geschil over de vergunning was beëindigd en de overweging van de rechtbank niet bindend is voor toekomstige procedures.
Daarom verklaarde de Raad van State het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak bevestigt dat de bestuursrechter alleen uitspraak doet bij een concreet geschil over een bestuursbesluit en niet voor louter principiële kwesties zonder actueel belang.
Uitkomst: Het hoger beroep van Cleanergy wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.