ECLI:NL:RVS:2020:139
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard in zaak vreemdelingenbewaring
De vreemdeling is bij besluit van 20 november 2019 in vreemdelingenbewaring gesteld. Hiertegen heeft hij beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep bij mondelinge uitspraak van 23 december 2019 ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In het hoger beroep gaf de vreemdeling echter geen inhoudelijke gronden aan waarom de uitspraak van de rechtbank onjuist zou zijn.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde daarom dat zij geen inhoudelijk oordeel kon geven over het hoger beroep en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk. Tevens werd bepaald dat de staatssecretaris geen proceskosten hoeft te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan inhoudelijke onderbouwing.