ECLI:NL:RVS:2020:103
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- F.C.M.A. Michiels
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Weigering omgevingsvergunning voor elektrotechnisch installatiebedrijf in woning wegens strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg verleende op 14 februari 2017 een omgevingsvergunning aan [appellante] voor het gebruik van een woning aan de [locatie] te Udenhout voor een elektrotechnisch installatiebedrijf, ondanks dat dit in strijd was met het bestemmingsplan "Udenhout 2008". Na bezwaar van een buurman werd het besluit van het college op 10 november 2017 gehandhaafd, waarna de rechtbank op 31 juli 2018 het besluit vernietigde wegens onvoldoende motivering van bijzondere omstandigheden voor afwijking van het bestemmingsplan.
Het college herzag het besluit en weigerde op 25 september 2018 alsnog de vergunning. [Appellante] stelde hoger beroep in tegen deze weigering. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de activiteiten van het elektrotechnisch installatiebedrijf niet kwalificeren als bedrijfsmatige activiteiten zoals bedoeld in het bestemmingsplan en de gemeentelijke beleidsregels, omdat deze niet bestaan uit het verlenen van diensten of ambachtelijke bedrijvigheid gericht op consumentverzorging.
Verder stelde de Afdeling vast dat het college terecht geen bijzondere omstandigheden had aangewezen die een afwijking van het bestemmingsplan en de beleidsregels rechtvaardigen. De Afdeling bevestigde daarmee het oordeel van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. De omgevingsvergunning werd definitief geweigerd omdat de bedrijfsactiviteiten niet binnen de toegestane categorieën vielen en het college niet in redelijkheid kon afwijken van het bestemmingsplan.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de omgevingsvergunning voor het elektrotechnisch installatiebedrijf wegens strijd met het bestemmingsplan.