ECLI:NL:RVS:2020:1024
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- J. Hoekstra
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging omgevingsvergunning windpark vanwege milieubezwaren en geluid
Het college van burgemeester en wethouders van Leudal verleende een omgevingsvergunning voor het oprichten van drie windturbines met een gezamenlijk vermogen van minimaal 9,45 MW nabij Neer. Appellanten, wonend op circa 900 tot 1000 meter afstand, stelden beroep in tegen deze vergunning vanwege bezwaren over de milieueffectrapportage (MER), geluidsoverlast, gezondheid, handhaving, verlichting, radarverstoring en financiële haalbaarheid.
De rechtbank vernietigde de vergunningen, maar liet de rechtsgevolgen in stand. Appellanten gingen in hoger beroep tegen de beoordeling van hun gronden en de handhaving van de rechtsgevolgen. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat er geen sprake is van één inrichting met omliggende windparken, zodat de MER-procedure correct is gevolgd. De geluidnormen uit het Activiteitenbesluit bieden voldoende bescherming tegen geluidshinder, ook ten aanzien van laagfrequent geluid, en de handhaafbaarheid van de normen is gewaarborgd.
Verder werd geoordeeld dat de verlichting van de turbines geen onaanvaardbare hinder veroorzaakt en dat de radarverstoring niet ten laste van appellanten komt. De financiële uitvoerbaarheid is voldoende verzekerd, ook met betrekking tot planschade en verwijdering van funderingen. Nieuwe gronden die niet bij de rechtbank waren aangevoerd, werden buiten beschouwing gelaten. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vernietiging van de omgevingsvergunning bevestigd.