ECLI:NL:RVS:2019:834
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- E. Steendijk
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over niet in behandeling nemen asielaanvragen wegens Dublinverordening
De staatssecretaris heeft de asielaanvragen van de vreemdelingen niet in behandeling genomen omdat volgens hem Roemenië verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublinverordening. De vreemdelingen stelden dat vreemdeling 2 zorg draagt voor haar zieke moeder in Nederland en dat dit een afhankelijkheidsrelatie betreft die behandeling in Nederland rechtvaardigt.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd dat de afhankelijkheidsrelatie niet aannemelijk was en vernietigde de besluiten. De staatssecretaris ging in hoger beroep en stelde dat de vreemdelingen niet voldoende bewijs hadden geleverd dat de moeder alleen afhankelijk is van vreemdeling 2, mede gezien de aanwezigheid van broers en professionele zorg.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte de culturele aspecten doorslaggevend had geacht en dat de staatssecretaris voldoende had gemotiveerd dat de zorg ook door anderen kan worden verleend. Daarnaast faalden de beroepen van de vreemdelingen over het ontbreken van medische zorg in Roemenië en het verzoek om de asielverzoeken aan zich te trekken wegens onevenredige hardheid.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde de beroepen ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en de beroepen van de vreemdelingen ongegrond verklaard.