ECLI:NL:RVS:2019:680
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- J. Hoekstra
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Den Burg wegens onvoldoende zorgvuldige voorbereiding plandeel recreatieappartement
De raad van de gemeente Texel stelde op 19 december 2017 het bestemmingsplan 'Den Burg' vast, waarin onder meer het recreatieappartement op een perceel in Den Burg niet als zodanig was bestemd, maar als bedrijventerrein. Appellant, eigenaar van het recreatieappartement, stelde beroep in omdat het appartement sinds 1976 met medeweten van de gemeente als recreatiewoning werd gebruikt en geregistreerd.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de raad bij vaststelling van het plan niet bekend was met belangrijke brieven uit 2005 en 2006 die het recreatieappartement als zomerwoning bevestigen. Dit leidde tot een strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel van artikel 3:2 Awb Pro, omdat het besluit niet met de vereiste zorgvuldigheid was voorbereid.
Daarom werd het plandeel van het bestemmingsplan dat betrekking heeft op het recreatieappartement vernietigd. De raad werd opgedragen binnen 26 weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd de raad veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
De overige bezwaren van appellant behoefden geen bespreking meer nu het beroep gegrond werd verklaard op het punt van de zorgvuldige voorbereiding.
Uitkomst: Het bestemmingsplan 'Den Burg' wordt vernietigd voor het plandeel recreatieappartement en de raad wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.