ECLI:NL:RVS:2019:493
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen plaatsingsplan ondergrondse restafvalcontainers in wijk Waalsdorp Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag stelde op 31 oktober 2017 het plaatsingsplan vast voor ondergrondse restafvalcontainers (ORAC's) in de wijk Waalsdorp. Appellant betwistte dit besluit, met name de plaatsing van een ORAC nabij zijn woning, en voerde aan dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom voor ORAC's was gekozen, dat de procedure onzorgvuldig was verlopen, en dat de belangen van omwonenden onvoldoende waren meegewogen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de beleidskeuze om in Waalsdorp over te gaan op ORAC's politiek-bestuurlijk van aard is en slechts terughoudend getoetst kan worden. Het college had voldoende onderbouwd dat de wijk een gemengde bebouwing kent en dat één inzamelsysteem per wijk de voorkeur heeft. Ook de vermeende willekeur werd verworpen omdat de verschillende wijken verschillende beleidsprogramma's kennen.
Verder werd geoordeeld dat de inspraakprocedure zorgvuldig was verlopen, met een informatieavond en mogelijkheid tot zienswijzen. Het college had bij de locatiekeuze randvoorwaarden gehanteerd en ook de belangen van omwonenden betrokken. De bezwaren over stank, geluid, zwerfvuil en waardevermindering werden niet aannemelijk geacht en het college had passende maatregelen getroffen.
Ten aanzien van alternatieve locaties had het college gemotiveerd waarom deze minder geschikt waren, onder meer vanwege kabels, bomen en veiligheidsaspecten bij loopafstanden. De Afdeling zag geen aanleiding om het besluit te vernietigen en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen het plaatsingsplan voor ORAC's in Waalsdorp wordt ongegrond verklaard.