ECLI:NL:RVS:2019:4264
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- N. Verheij
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering vergunning bevolkingsonderzoek huidkankerscreening wegens onvoldoende wetenschappelijke deugdelijkheid
De staatssecretaris heeft op 20 september 2017 de aanvraag van appellant voor een vergunning op grond van de Wet op het bevolkingsonderzoek (WBO) voor de MoederVlekkenKliniek afgewezen. Deze kliniek beoogt particuliere screening op huidkanker aan te bieden. De Gezondheidsraad adviseerde de aanvraag af te wijzen vanwege onvoldoende wetenschappelijke onderbouwing en een ongunstige nut-risicoverhouding.
De rechtbank Amsterdam oordeelde op 13 maart 2019 dat de staatssecretaris het advies van de Gezondheidsraad terecht als basis voor zijn besluit heeft genomen en de vergunning terecht heeft geweigerd. Appellant stelde in hoger beroep dat het toetsingskader onjuist was en dat de staatssecretaris eerst had moeten onderzoeken of risico’s konden worden beperkt door voorschriften.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt het oordeel van de rechtbank. De staatssecretaris heeft de aanvraag zorgvuldig beoordeeld, het advies van de Gezondheidsraad correct betrokken en de onderzoeksplicht nageleefd. De wetenschappelijke deugdelijkheid van het bevolkingsonderzoek is niet aangetoond en het nut weegt niet op tegen de gezondheidsrisico’s. Voorschriften konden niet worden overwogen omdat de vergunning op grond van wetenschappelijke ondeugdelijkheid moest worden geweigerd.
Appellant heeft onvoldoende onderbouwd weersproken dat de Gezondheidsraad de relevante bronnen heeft betrokken en dat het advies onjuist of onvolledig zou zijn. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de vergunning voor het bevolkingsonderzoek wegens onvoldoende wetenschappelijke deugdelijkheid en ongunstige nut-risicoverhouding.