ECLI:NL:RVS:2019:4250
Raad van State
- Hoger beroep
- B.J. van Ettekoven
- J.Th. Drop
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vervallenverklaring tenaamstelling voertuig na identiteitsonderzoek door RDW
De zaak betreft een hoger beroep van appellant tegen het besluit van de RDW om de tenaamstelling van zijn Range Rover te laten vervallen. Dit besluit volgde op een identiteitsonderzoek door het Landelijk Informatiecentrum Voertuigcriminaliteit (LIV) naar aanleiding van afwijkingen tussen het voertuig en het kentekenbewijs geconstateerd tijdens een verkeerscontrole.
Het deskundigenrapport concludeerde dat het voertuigidentificatienummer (VIN) op een ingelast stuk chassisbalk was aangebracht dat niet bij het chassis hoorde, en dat de identiteit van chassis en carrosserie niet kon worden vastgesteld. De RDW baseerde daarop het besluit tot vervallenverklaring van de tenaamstelling. De rechtbank had dit besluit al bevestigd.
Appellant voerde onder meer aan dat de RDW misbruik van bevoegdheid had gemaakt, het besluit met terugwerkende kracht was genomen en dat de RDW hem niet in de gelegenheid had gesteld zijn zienswijze te geven. Ook stelde hij dat de RDW in strijd met Europese richtlijnen had gehandeld. De Afdeling bestuursrechtspraak verwierp deze bezwaren, oordeelde dat het besluit niet met terugwerkende kracht was genomen, dat de RDW bevoegd was tot het onderzoek en dat appellant voldoende gelegenheid had gehad zijn standpunt kenbaar te maken.
De Afdeling bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt het vervallen verklaren van de tenaamstelling van het voertuig door de RDW.