ECLI:NL:RVS:2019:385
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over afwijzing verblijfsvergunning asiel
De vreemdeling uit Gaza had een aanvraag gedaan voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, die door de staatssecretaris werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarbij de staatssecretaris werd opgedragen een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. Kern van het geschil was of de staatssecretaris nader onderzoek had moeten doen naar een filmpje dat de vreemdeling had getoond ter onderbouwing van zijn asielrelaas, waarin een Israëlische zakenman verklaarde geld aan de vreemdeling te hebben geleend.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat nader onderzoek in het land van herkomst noodzakelijk was. De staatssecretaris mocht van de vreemdeling verwachten dat hij zelf overtuigende verklaringen gaf over het contact en de lening, wat niet was gebeurd. Ook achtte de Afdeling het filmpje onvoldoende betrouwbaar en vond geen aanleiding voor nader onderzoek.
Verder faalden andere beroepsgronden van de vreemdeling, waaronder over het bezoek van een groepering en het weggooien van een vervalste identiteitskaart. De Afdeling verklaarde het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.