ECLI:NL:RVS:2019:3620
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting en voor opvang vreemdelingen in hoger beroep
Bij besluiten van 1 augustus 2019 heeft de staatssecretaris aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen. De vreemdelingen, inclusief hun minderjarige kinderen, hebben hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die deze beroepen op 18 september 2019 ongegrond verklaarde.
De vreemdelingen zijn in hoger beroep gegaan en hebben de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Zij vroegen dat zij niet zouden worden uitgezet voordat op het hoger beroep was beslist en dat zij opvang en verstrekkingen zouden ontvangen.
De voorzieningenrechter heeft op 29 oktober 2019 bij wijze van voorlopige voorziening bepaald dat de vreemdelingen niet worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt. Tevens is de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €512,00, toe te rekenen aan beroepsmatige rechtsbijstand. Hiermee wordt de positie van de vreemdelingen tijdens de procedure beschermd.
Uitkomst: Vreemdelingen mogen niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.